piet en de slak

 

piet gaat naar het bos.

hij heeft zin in een peer.

hij plukt een peer van een boom.

de peer is geel.

piet bijt in de peer.

 

 

er zit een slak op de peer.

-          wat doe jij op mijn peer?

-          dit is mijn huis.
jij maakt mijn huis stuk!

-          ik wil geen peer met een slak!
jij moet van mijn peer!

 

piet pakt de slak.

hij zet de slak in het gras.

nu is de slak boos.

-          ik wil niet in het gras.
ik wil in een boom!

-          dan zet ik je op een blad,
een blad in een boom.

 

het blad is groen.

piet eet van de peer.

de slak eet van het blad.

piet en de slak zijn nu blij.

 

 

Ph. Thiran