pas op voor de poes!

 

tom zit voor het raam.

hij kijkt naar het huis van els.

bij het huis staat een hek,

een hek van hout.

op het hek zit een duif.

 

 

daar komt kas.

kas is de poes van els.

-          pas op, duif.
daar is een kat!

de duif hoort tom niet.

 

de poes ziet de duif nu ook.

tom roept:

-          weg duif, vlieg weg!

maar de duif hoort tom niet.

 

kas sluipt naar het hek.

hij is nu vlak bij de duif.

kas is snel.

oef... de duif is net op tijd weg.

dag kas! dag duif!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ph. Thiran